v De Boomgaard

 

 

bomen6

OOOOOOOOOO

De Boomgaard

OOOOOOOOOO
Net over de overweg aan het einde van de Ridder van Cuijkstraat waar Hoevenaars zijn timmerbedrijf had, woonde aan de rechterkant langs de spoorlijn Boxtel – Tilburg een boer met een geweldig boomgaard vol fruit.
Er groeide van alles. Maar helaas stond er rond die fruittuin een hoge beukenhaag. Al vaak hadden we geprobeerd met een lange bonenstaak met een spijker er bovenin, over die haag appels of peren aan die spijker te prikken. Dit werd echter steeds moeilijker omdat ze vlak langs die haag er al bijna allemaal af waren. Nou zitten er tussen die stammen van zo’n beukenhaag best wel flinke openingen, dus we zochten net zo lang tot we er eentje gevonden hadden die met een beetje hulp groot genoeg was geworden om er door te kruipen.
 Zo hadden we al verschillende keren naar die opening staan te kijken maar we durfden er eigenlijk niet zo goed door. De boomgaard lag namelijk vlak acher die boer zijn huis, en bovendien had hij ook nog zo’n grote valse hond die ergens rond liep. Tenslotte werd de verleiding echter zo groot dat we het er toch maar op waagden. Drie van ons zouden door dat gat kruipen en de vierde zou, liggend in de droge sloot langs die haag, de zaak in de gaten houden en opletten of die boer niet plotseling kwam opdagen. En zo gebeurden het. Toen de eerste knalrode sterappeltjes uit de boom waren geplukt en door het gat in de sloot waren gegooid, slopen we voor de tweede keer terug. Net bij een boom vol peren aangekomen begint onze uitkijk te roepen.
“Boer, boer, ze zitten aon oe appels”
Zo snel als we konden rende we weer terug naar dat gat, nemen en duik en glijden vlak achter elkaar op onze buik door die opening de droge sloot in. We wisten echter niet dat net daarvoor een paard en wagen langs waren gekomen en dat paard een berg vijgen op de weg had achter gelaten. Die paardevijgen waren door onze uitkijk onder een paar droge bladeren in dat gat van die haag gelegd. Van hals tot kruis zaten we onder de paardenstront.
Maar de appeltjes waren lekker.
 
 

 

 

 .

 

 

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.